Wat is een column?

Oké, ik geef het toe, het is een wat theoretische vraag voor zo’n praktische training als deze, maar toch heb ik graag dat je even nadenkt over ‘de column’.

 

OPDRACHT:
Neem nu een paar minuten de tijd om voor jezelf op te schrijven wat volgens jou een column is en aan welke ‘voorwaarden’ die volgens jou moet voldoen. Probeer een definitie te formuleren die volgens jou voldoet.

 

Is het gelukt?

 

Nee, het is vreemd maar waar: een echt sluitende definitie van het begrip ‘column’ bestaat niet. Wikipedia zegt bijvoorbeeld het volgende:

 

http://nl.wikipedia.org/wiki/Column

 

Meer praktisch vind ik de omschrijving van columnist Rob Wijnberg:
“Als columnist ben je toch een soort nieuwsopleuker; iemand die het doodnormale even in het absurde trekt – met hier en daar een woordspelinkje, een vleugje ironie of een snufje sarcasme”.

 

Wijnberg heeft het over ‘nieuwsopleuker.” Moet een column per se actueel zijn of een mening bevatten?

 

Nee.

 

Denk maar eens aan wijlen Martin Bril. Hij kon prachtig schrijven over een afgelegen rotonde, of een eenzaam bierblikje dat hij op straat zag liggen. Daar komt geen mening aan te pas, en toch zal iedereen zo’n stukje als een column zien. En dat is het ook.

 

Aan de andere kant: een financieel adviseur die in vierhonderd woorden vijf belastingtips geeft, schijnt vandaag de dag al een columnist te zijn. Terwijl zijn stukje niets meer of minder is dan vijf belastingtips op een rijtje. Persoonlijk vind ik dat geen column.

 

Wat is dan wel een goede column(ist)?

Een oud-cursist stuurde me een link naar een serie in Vrij Nederland, over columnisten die een licht werpen op elkanders column.


Helaas zit de serie sinds kort achter een slotje, maar als je per se de complete interviews wilt lezen, mail me even. Dan krijg je ze van me. Aan het woord komen:

Rob Hoogland (“Engagement vind ik een beetje eng”), Theodor Holman (“Een column is vermaak”), Elsbeth Etty (“In gesprek gaan met jezelf”), Vincent Bijlo (“Het kan ook poëzie zijn”), Stephan Sanders (“De week, gezien door uw huisvriend”), Frits Abrahams (“Een goede column is bondig”), Aaf Brandt Corstius (“Er moet een draai in zitten”), Bert Wagendorp (“Een columnist hoeft geen antwoorden te geven), H.J.A. Hofland (“Voor mij is een column gewoon journalistiek”), Arnon Grunberg (“Amerikaanse columnisten reizen nog wel eens”) en Bas Heijne (“Je hebt altijd een radar aanstaan”).

 

Wanneer je alle interviews achter elkaar leest, merk je dat bijna niemand het met elkaar eens is, maar de volgende uitspraken mogen van mij zo op een tegeltje:

 

  • “Een slecht geschreven column jaagt je al na twee zinnen weg” – Abrahams
  • “Een mening is maar zelden uniek. Het gaat erom hoe je ’m verwoordt” – Sanders
  • “Ik vind dat een echte columnist over van alles moet kunnen schrijven” – Holman

 

Wat een column moet doen, is de lezer even, voor een minuut of twee, amuseren. Of beter gezegd: iets doen met de emotie van de lezer – en dan op creatieve wijze. Blij maken, verwonderen, noem alle emoties maar op. En ergeren hoort daar dus ook bij.

 

Als je dit onthoudt, ben ik tevreden: een goede column heeft te allen tijde een duidelijk creatief element.

 

Maar genoeg nu over die saaie definitie. Ik zou ook geen sluitende definitie weten. Zo’n ongrijpbaar genre is de column dus.

 

Aan de slag!

 

Hieronder zie je je voortgang. Klik op het driehoekje voor een overzicht.
Je moet ingelogd zijn om je cursus voortgang te zien.