De Grote Donorshow: hoe asociaal kun je zijn?

Toch nog even over de Grote Donorshow, want wat lees ik in de Telegraaf? Leonie Gebbink, de actrice die de terminale kankerpatiënte Lisa speelde, heeft zelf geen donorcodicil. De reden: “ik wil het wel, maar mijn vriend wil het niet.” Ach, is het niet schattig? Leonie mag niet van haar vriend. Meneer heeft zich blijkbaar de zeggenschap over haar lichaam toegeëigend. Tot zover de verworvenheden van het moderne feminisme, maar – eerlijk is eerlijk – Leonie heeft me wel aan het twijfelen gebracht.

Ik ben donor sinds 1998. Maar nu ik er nog eens over nadenk: waarom zou ik mijn organen afstaan aan iemand die zelf géén donor is? Waarom weefsel schenken aan iemand die op zijn beurt niet bereid is hetzelfde voor mij te doen? Ik lijk wel gek. Waarom zou ik mijn nieren geven aan iemand die, wanneer het ongekeerde aan de hand is, mij rustig laat creperen aan een kunstnier? Gelijk oversteken graag, net als bij het afsluiten van een verzekering: wie geen premie betaalt (lees: donor wordt) krijgt niet uitgekeerd.

Daarom maar eens gebeld met de informatielijn van Donorvoorlichting.nl. “Ik kan op het donorformulier tot in detail aankruisen welke organen ik wil afstaan. Heb ik ook de mogelijkheid personen die zelf geen donor zijn, uit te sluiten?”

Nee, helaas. “Dat heeft te maken met de Wet op de orgaandonatie”, legt de mevrouw van de informatielijn mij uit. “Selectie vindt uitsluitend plaats op basis van medische criteria. Uw organen gaan hoe dan ook naar de persoon bovenaan de wachtlijst, of hij nu donor is of niet.”

Fraai is dat. Mijn begrip voor Leonie wordt er niet groter op. Mevrouw wil na haar overlijden al haar organen bij zich houden, zodat ze óf wegrotten in de aarde óf in rook opgaan. Over solidariteit gesproken. Hoe asociaal kun je zijn?

Hoogste tijd om de wet aan te passen en écht iets aan de wachtlijsten te doen. Zo moeilijk is dat toch niet? Maak iedere gezonde Nederlander verplicht donor. Wie daar ‘onoverkomelijke gewetensbezwaren’ tegen heeft (bijvoorbeeld uit geloofsovertuiging of omdat men hecht aan de ‘onaantastbaarheid van het eigen lichaam’) kan een verzoek tot vrijstelling indienen. Zo’n verzoek wordt in principe altijd ingewilligd, maar je zult er wel iets voor moeten doen: je mening schriftelijk onderbouwen, verschijnen voor een commissie, enzovoorts. Toon maar aan dat het je ernst is.

Gaat dit te ver? Welnee, zo ging het van 1810 tot 1997 ook met de militaire dienstplicht. Alle mannen vanaf 18 jaar moesten verplicht het leger in. Wie onoverkomelijke gewetensbezwaren had, kon vrijstelling aanvragen voor een commissie. Nederland heeft nooit een tekort gehad aan kanonnenvoer. Laten we dat gegeven nu eens positief gebruiken. Eens zien hoe snel de wachtlijsten verdampen. Maar zolang er wachtlijsten zijn, vertik ik het mijn organen te doneren aan lieden die wel de lusten willen, maar niet de lasten. Ik ben gekke Henkie niet.

close

Genoten van deze tekst? Ontvang mijn schrijfsels dan gratis in je mailbox!