Creativiteit is geen talent


Een vraag die mij vaak wordt gesteld: waar haal jij toch elke week je ideeën, invallen en associaties vandaan?
Ik moet altijd lachen om die vraag. Alsof er een soort van geheime truc bestaat die alle columnisten weten, maar gewone stervelingen niet.


De waarheid is heel simpel: Creativiteit vergt inspanning.


Laat me je iets uitleggen over de werking van het menselijk brein.


Onze hersenen zijn ingesteld op routine. We denken in patronen. Daarom is het bijvoorbeeld zo dat we tikfouten niet zien. De eerste en de laatste letter van het woord zijn vaak voldoende voor onze hersenen om het woord te herkennen. De letters in het midden mogen door elkaar worden gehusseld.


Handig dat onze hersenen zo werken. Logisch denken, bijna iedereen kan het – maar deze ingebakken denkwijze is funest voor onze creativiteit. Waarom heeft moeder natuur dat zo geregeld? Welnu, we werken op routine omdat creativiteit veel energie kost.


Creativiteit draait namelijk juist om het doorbreken van patronen.


Daar moet je je dus doorheen worstelen. Daarom komt inspiratie niet zomaar. Goede ideeën zijn het resultaat van een lang proces, van hard werken.


Creativiteit is geen talent


Sommige columnisten menen dat ideeën hen vinden. Een beetje zoals het woord van God. Ze zijn uitverkoren. Maar dat is onzin.


Van nature is iedereen creatief. Kijk maar eens naar de manier waarop kinderen denken. Onbevangen, puur. Kinderen leven in een bijna magische wereld, hebben nog niet zo in de gaten hoe alles werkt. Niemand heeft hen ooit verteld dat er grenzen zijn aan de werkelijkheid. Daardoor kent hun creativiteit ook geen grenzen. Laat ik dat illustreren met een voorbeeld:


Vraag aan een kind van vijf wat een ster is en het zegt: “een ster is een bloem zonder stengel”. Vraag het vervolgens eens aan een kind van elf. Het zal denken: wat heb ik daarover geleerd? En zal antwoorden: „een ster is een hemellichaam.”


De elfjarige zou zijn uitgelachen door zijn medeleerlingen als hij het antwoord van de vijfjarige had gegeven. Tenzij… Tenzij de klas met een schrijfles over metaforen bezig was geweest. Dan had de docent gevraagd: waar kun je een ster mee vergelijken? Het antwoord, een bloem zonder stengel, zou bewondering hebben geoogst.


Opmerkingen van kinderen; je zou ze bijna gaan sparen: „Mijn potlood is doormidden, maar dat is niet erg, want nu heb ik er twee.”


Een kind, nadat ze een kerstbal kapot heeft laten vallen: „kijk papa, het haakje is nog heel!”


„Hoe vind je het dat je in een klas komt waar je niemand kent?” vraagt mama, op de eerste nieuwe schooldag.
Leuk! Allemaal vrienden die ik nog niet heb ontmoet!”


Creativiteit is veel meer een gemoedstoestand. Vrij van ratio komt creativiteit bijna als vanzelf bovendrijven. Hoe? Daarover gaan we het hebben in de volgende les.


Hieronder zie je je voortgang. Klik op het driehoekje voor een overzicht.
Je moet ingelogd zijn om je cursus voortgang te zien.