Mark Huizinga: held van Defensie

Vlak voor zijn vertrek naar de Olympische Spelen is judoka Mark Huizinga door Defensie tot kapitein bevorderd. Huizinga, die tijdens de openingsceremonie in Athene de Nederlandse vlag mag dragen, verdient de promotie omdat hij met zijn sportieve prestaties ‘een positieve bijdrage levert aan het imago van Defensie.’ Veel Nederlanders herinneren zich nog het welkom dat Huizinga ten deel viel toen hij na afloop van de vorige Spelen naar Nederland terugkeerde. Twee F16’s verwelkomden het vliegtuig met daarin de gouden judoka en escorteerden het naar Schiphol. Alle journaals zonden de beelden uit.

Huizinga is net als dertien andere Nederlandse topsporters lid van de Defensie Topsport Selectie. Hij verdient als beroepsmilitair zo’n 45.000 euro per jaar in ruil voor wat pr-activiteiten en af en toe een judo-clinic aan collega-militairen. Zijn belangrijkste taak is volgens Defensie niet de verdediging van het vaderland, maar het neerzetten van ‘aansprekende sportprestaties’. Daarbij mag zijn werk hem niet in de weg staan. Waar de prioriteiten liggen, bleek afgelopen juni tijdens een perspresentatie op legerplaats Harskamp. Huizinga klauterde daar in gevechtstenue voor het eerst in zijn leven op een rupsvoertuig. Dat ging zo onhandig dat er even paniek uitbrak bij de aanwezige militaire top. “Pas op je knieën, Mark! Je bent zo geblesseerd.”

U begrijpt, Defensie is er alles aan gelegen dat Huizinga de komende Spelen opnieuw goud haalt. Want terwijl vijfduizend militairen gedwongen ontslag krijgen, wordt de Defensie Topsport Selectie met veertien tot vijfentwintig topsporters uitgebreid. Het hiervoor vrijgemaakte budget is geheim, maar dat het in de vele miljoenen loopt, is zeker. Alle afgesloten contracten lopen namelijk tot en met de Spelen van 2008 in Peking.

Natuurlijk valt het Huizinga en zijn sportcollega’s nauwelijks kwalijk te nemen dat zij kiezen voor het makkelijke geld. Zo is het leven en iedereen begrijpt dat.
Afgelopen maand viel er dan ook geen enkel onvertogen woord toen bleek dat de opsporingsradar die naar Zuid-Irak was gestuurd om mortieraanvallen op Nederlandse militairen te bestrijden, overdag nauwelijks werkt. Het prul kan niet tegen de Irakese hitte. Minister van Defensie Kamp haastte zich te melden dat mortieraanvallen gelukkig altijd ‘s nachts plaatsvinden, daarbij voor het gemak even vergetend dat enkele dagen eerder vijf Amerikanen waren gesneuveld bij een mortieraanval aan het eind van de ochtend. Maar goed, de Kamer was gerustgesteld en – nog belangrijker – hoefde in ieder geval niet terug te keren van zomerreces.

Ik ben benieuwd of we Kamp straks in Athene op de tribune zien als militair Huizinga op de mat zijn koka’s, yuko’s en ippons uitvoert. Waarschijnlijk wel, want brigadegeneraal Koen Gijsbers van de Luchtmobiele Brigade heeft al aangekondigd vanaf de kwartfinales bij de Spelen op de tribune te zitten. En dat is nog maar het begin.
Het zal niet lang meer duren voordat de Amsterdam Arena door Defensie wordt opgekocht en kolonel Koeman met mooi aanvallend voetbal het imago van onze strijdkrachten tot ongekende hoogte opkrikt. De kreet ‘komt dat schot…!” zal nog maar voor één uitleg vatbaar zijn.
En dat is slecht nieuws voor Erik O., de eerste Nederlandse militair die sinds Srebrenica eindelijk eens durfde te schieten. Voor hem geen escorterende F16’s bij terugkeer in Nederland, maar een aanklacht wegens dood door schuld. Op 27 september mag hij zich verantwoorden voor de militaire kamer van de Arnhemse rechtbank. Ja, Defensie weet wel wie zij als haar helden kiest.