Hoe ik uit het Swiebertje-dorp Wedde werd verjaagd

Vraag me niet waarom, maar laatst was ik in het Oost-Groningse Wedde. Een zeshonderd zielen tellend dorpje waar de touringcars af en aan rijden. Wat al die toeristen hier komen doen, vraag ik aan een groepje Weddenaren. Ze kijken me verbaasd aan, vanaf hun bankje. Of ik dat soms niet weet? Wedde is hét Swiebertje-dorp. En Swiebertje is de beroemdste landloper van Nederland, bekend uit de televisieserie die tussen 1955 en 1975 werd uitgezonden. In 2001 werd de serie, met Joop Doderer in de hoofdrol, uitgeroepen tot het beste tv-programma van de twintigste eeuw.

“Is Swiebertje hier dan opgenomen?” vraag ik. Het groepje schudt het hoofd. Nee, de opnames vonden altijd plaats in Oudewater, een stadje tweehonderd kilometer verderop. Ik frons mijn wenkbrauwen. “Komt Joop Doderer dan uit Wedde?” Nee, dat ook niet. “Eén van de andere acteurs misschien?” Nee, helaas. “De bedenker van de serie dan?” Nee, ook niet.
Ik begrijp er niets van. “Wat is dan de link tussen Swiebertje en Wedde?” roep ik uit. Gesis om me heen. Stil nou, straks horen de toeristen me nog! De burgemeester heeft het tijdens een informatieavond in het dorpshuis heel mooi verwoord: Wedde is een echt Swiebertje-dorp omdat de inwoners net zo gemoedelijk zijn als Swiebertje zelf. Bovendien lijkt Wedde vanuit de lucht een heel klein beetje op Oudewater, de locatie voor de tv-serie. Daarom krijgt Wedde van de provincie Groningen en de Europese Gemeenschap een subsidie van 480.000 euro. Van dat geld worden Swiebertje-wandelpaden aangelegd en in het dorpshuis een klein museum over Swiebertje ingericht. Dat geeft toeristen het gevoel dat zij rondlopen in het plaatsje uit de serie.

Als ik vraag waarom een dorp dat niets met Swiebertje te maken heeft, een subsidie krijgt om Swiebertje-dorp te worden, loert het groepje me vals aan. Ook mijn suggestie om een oude boerenschuur in te richten als onderduikadres voor Anne Frank (gewoon, omdat áls Anne ooit had willen onderduiken in een oude schuur, ze het vast en zeker in Wedde had gedaan), valt niet in goede aarde. Ik moet niet te veel vragen stellen, met dat rare Hollandse accent van me. En hoezo geschiedvervalsing? Ben ik soms een professor of zo?
Plots dromt het groepje Weddenaren vervaarlijk om me heen. Eén van hen laat zijn vingerkootjes kraken. Het is dat er nu toeristen rondlopen, maar anders had ik allang in de plomp gelegen. Einde gesprek. Zo rustig mogelijk wandel ik verder. Wanneer ik op veilige afstand ben, draai ik me nog één keer om. “Pinokkio-dorp! Al eens aan die naam gedacht?” Oei, nu moet ik echt rennen.

Scroll naar top