Het leed dat klussen heet

Vanavond op tv: Help, mijn man is Klusser!. We zitten alweer middenin het zevende seizoen, want het programma scoort als een tierelier. De inhoud laat zich dromen. John Williams stapt binnen in een compleet gestripte woning. Als kijker verwonder je je dat de buitenmuren nog overeind staan. We maken kennis met de echtgenote, compleet in tranen. Het verhaal komt er met horten en stoten uit. Al vijftien jaar getrouwd, en manlief had beloofd alles snel te klaren. Maar dat is nu vijf jaar geleden en al die tijd kampeert het gezin op de opengebroken vloer van de keuken.

De reactie van John Williams is altijd dezelfde: “kom hier, dan krijg je een knuffel.” Ja, het is wel duidelijk naar wie de sympathie uitgaat. In de wereld van Help mijn man is Klusser! is de vrouw (“deze lieve, warme, gevoelige vrouw”) altijd het slachtoffer. Geen wonder dat op internet en sociale media steeds dezelfde reactie voorbij komt: “zo hé, wat een eikel, die vent.”

Hoezo, denk ik dan altijd. Was die immense verbouwing niet een gezamenlijke beslissing? Of heeft manlief vijf jaar geleden, toen zij een avond met vriendinnen op stap was, heel stiekem en heel snel de woning van boven tot onder gestript, zes tussenmuurtjes eruit geramd en de douchebak en wc-pot in een afvalcontainer gemieterd? Nee, mevrouw was er steeds zelf bij. Waarom zegt John Williams nooit eens een keer de waarheid:

“Die kerel van jou, met zijn twee linkerhanden, sloopte alles met jouw goedkeuren. Dus zet die koffer maar weer terug. Jij gaat helemaal niet in een luxe hotel genieten van je welverdiende rust. Steek goddomme zelf eens de handen uit de mouwen. Als je met een schilmesje een pieper kunt jassen, kun je ook een boormachine vasthouden. Zo moeilijk is dat niet. Of huur een paar vakbekwame Polen in, wanneer je na een half jaar ziet dat je man het niet redt. Trommel vrienden op. Vertrek desnoods, samen met de kinderen, ook goed.
Maar nee hoor, je staat erbij en kijkt ernaar, vijf jaar lang. Niets doe je, want manlief is als het weer, je hebt er geen invloed op. En nu sta je mijn schouder onder te grienen. Teleurgesteld omdat je man niet zo handig is als jij zou willen. Trut. Weet je wat ik doe? Ik neem je man – de enige die al die jaren nog enigszins de handen uit de mouwen heeft gestoken – mee naar een sjiek hotel. Genieten van een welverdiende rust. Zoek het lekker uit. Doei.”

Onbegrijpelijk dat John Williams na zeven seizoenen Help mijn man is Klusser! nog steeds niet tot dit inzicht is gekomen.

close

Genoten van deze tekst? Ontvang mijn schrijfsels dan gratis in je mailbox!