Elk kind een etiket

Gehoord op het schoolplein: “De onderwijzer vertelde dat Diederik het prima deed, maar mijn man en ik vonden dat onze zoon niet echt lekker in zijn velletje zat. En dan wil je toch duidelijkheid. Snap je wat ik bedoel? Dus toen hebben we een gesprek aangevraagd met een orthopedagoge. Maar denk nu niet dat zo iemand onze Diederik even laat onderzoeken. Mijn man en ik hebben hemel en aarde moeten bewegen om haar zover te krijgen.

En wat kwam er na vier middagen van toetsen, testen en observeren uit? Helemaal niets! Belachelijk! Ik zei meteen: daar geloof ik helemaal niets van. Als moeder vóél je zoiets. Toen hebben ze hem weer onderzocht en bleek dat ie wellicht een heel klein beetje ADHD had. Nou, daar moet je bij mij niet mee aankomen. ADHD. Welk kind heeft tegenwoordig géén ADHD? Ik begrijp die lui niet. Zó klantonvriendelijk. Kom dan aan met dyslexie. Of nog beter: dyscalculie. Ken je dat? Dat is wanneer ze niet kunnen rekenen. Is echt iets van de laatste jaren. Best wel modern.

Dus toen hebben we de orthopedagoge op het matje geroepen. We hebben haar duidelijk gemaakt dat we ons niet lieten afschepen! Nee, dat was geen fijn gesprek. De gemoederen liepen hoog op. Mijn man heeft flink met de vuist op tafel geslagen. Uiteindelijk heeft ze Diederik een kwartier mee naar achteren genomen voor een aanvullend onderzoek. Toen kwam ze terug met de diagnose DMM. Die afkorting staat voor dismultimix. Dat klonk mijn man en mij direct goed in de oren. ik bedoel, dat is toch een aandoening die je niet zo vaak hoort. Bij Diederik in de klas hebben ze allemaal dyslexie, dyscalculie, ADHD of PDD-NOS.

De orthopedagoge vertelde ons dat er heel weinig over dismultimix bekend is, behalve dan dat kinderen met dismultimix moeite kunnen hebben met van alles en nog wat. Dat herkennen we wel in Diederik. Kortom, een hele opluchting dat hij nu eindelijk een etiket heeft. Anders hoor je er echt niet bij op het schoolplein. Maar goed, ik babbel maar en babbel maar. Wat heeft jouw kind eigenlijk? Niks? Méén je dat nou? Echt helemaal niks? Nou zeg, dat is toch niet normaal”.