De menselijke vleesmolen van de Côte Dame Marie

Enkele dagen geleden was ik in de buurt van Verdun. Daar ontmoette ik Jean Paul de Vries, een Nederlander die in het nabijgelegen Romange zijn eigen museum over de Eerste Wereldoorlog runt. Samen met hem beklim ik de Côte Dame Marie. In oktober 1918 hadden 30.000 Amerikaanse soldaten drie dagen nodig deze heuvel te veroveren.

Bovenop de Côte Dame Marie liggen nog steeds de loopgraven en bunkers van de Duitse Hindenburg-linie. Ze zijn zo goed als intact gebleven. En ook al groeien er weer bomen, de heuvel oogt nog steeds als één grote, vlezige wond. Het meest vreemd is de bijna absolute stilte die er hangt, want vogels mijden de Côte Dame Marie. De bodem is zo omgeploegd door gifgranaten dat zelfs een eeuw na dato geen wormpje hier kan overleven.

Jean Paul is een kundig verteller. De Amerikaanse soldaten waren bijna allemaal uit Europa afkomstige immigranten. Timmermannen, slagers, handarbeiders. Met de boot kwamen ze aan in New York. Daar kregen ze het aanbod in militaire dienst te treden, in ruil voor het Amerikaans staatsburgerschap. Wie tekende, ging linea recta op de boot terug naar Europa. Om hier deze heuvel te bestormen. Vóór hen het nerveuze geratel van de Duitse mitrailleurs, achter hen de sergeant met het pistool, want op lafheid in het aangezicht van de vijand staat de doodstraf. Naar voren, die heuvel op! Bewijs dat jullie je nieuwe vaderland waardig zijn! En zo geschiedde. Het doffe geplok van kogels in vlees. Drie dagen lang maaide de dood hier onbarmhartig rond. Het moet één afzichtelijk abattoir zijn geweest. Al sneuvelden de meeste Amerikanen door eigen vuur. Het gevolg van verkeerd begrepen orders, want de kersverse immigranten spraken nauwelijks Engels. Zo draaide de menselijke vleesmolen hier drie dagen lang rond.

Na afloop van de wandeling rijd ik langs het compleet uit wit marmer opgetrokken Amerikaanse kerkhof in Romangne-sous-Montfaucon, een dorpje met 187 inwoners. Met zijn 14.246 doden is dit de grootste Amerikaanse begraafplaats in Europa. Veertig hectares aan kruizen, kruizen en nog eens kruizen, strak in het gelid. Een immens, keurig aangeharkt veld van dode jongens. Allen een heroic death gestorven, vertelt de tekst op de muur met de namen der gevallenen. Heldenmoed! Trouwe plichtsvervulling tot in de dood!

Wat verderop op de begraafplaats hangt een groepje kadetten wat verveeld rond. Piepjong zijn ze. Klaar voor de strijd, waar dan ook ter wereld. Vanaf een afstandje kijk ik toe. Zij moeten nog. De doden die hier liggen niet. Voor hen is de oorlog voorbij.

close

Af en toe een verse column én exclusieve schrijftips in je mailbox?