Benzine: twee euro de liter

De brandstofprijzen schieten omhoog. Automobilisten worden nerveus, want een liter benzine is nog nooit zo duur geweest. Hoeveel erger wordt het nog? Volgens berekeningen van beursanalisten is het eind dit jaar zover: twee euro de liter.
Als opwarmertje staan kranten nu al vol met de treurzang van consumenten aan de pomp. NRC Handelsblad had laatst een verhaal over een lerares uit Tiel. Zij gaat voortaan te voet naar school en neemt binnen de stad de auto niet meer. Dan maar met de fiets.

Ach en wee, armoede in Nederland. In hetzelfde artikel komt een piloot in opleiding aan het woord. Hij zou wel minder willen rijden, maar weet niet hoe. Hij woont in Groningen, zijn ouders in Utrecht en de opleiding is in Ede. Per week rijdt hij duizend kilometer en eigenlijk kan hij het nu al niet meer betalen.

Rot toch op, denk ik dan. Als je duizend kilometer per week moet rijden, heb je je leven niet op orde. Zo simpel is dat. Alsof je deze tweede oliecrisis niet al jaren hebt zien aankomen. We weten het al 35 jaar, want de eerste oliecrisis trof Nederland in 1973. Toen waren er vier autoloze zondagen op rij. De benzine ging op de bon.

Wat kostte een liter benzine toen? Omgerekend naar prijzen van vandaag de dag (dus gecorrigeerd naar inflatie): één euro. Dat vraagt om een rekensommetje. Stel dat één liter benzine eind dit jaar inderdaad 2 euro kost, dan is de benzineprijs in 35 jaar tijd dus met 100 procent gestegen; oftewel gemiddeld 2,8 procent per jaar. Moeten we daar nu met zijn allen zo spastisch over doen? En dan te bedenken dat auto’s steeds zuiniger zijn gaan rijden. Anno 2008 kom je met één liter benzine veel verder dan in 1973, maar daar hoor je niemand over.

Ik zou zeggen: houden zo. Laat automobilisten elkaar maar lekker de put in praten. Hopelijk laten ze massaal hun heilige koe staan. Lossen de files vanzelf op. Heerlijk.

Scroll naar top